dinsdag 25 maart 2014

The summit of nuclear insecurity

De Nuclear Security Summit (NSS) die dezer dagen van Den Haag een onbereikbare burcht heeft gemaakt, zou natuurlijk een ideaal doelwit zijn voor de gevreesde nucleaire terroristen. Alle wereldleiders bij elkaar op een halve vierkante kilometer. Met een klap zou de wereldgemeenschap van zijn leiders zijn beroofd. De chaos zou compleet zijn. Toch maar fijn dat er daarom niet alleen op topniveau overlegd wordt om de waarschijnlijkheid van een dergelijke aanval te minimaliseren, maar er tegelijkertijd ook voor ons land ongekende veiligheidsmaatregelen zijn getroffen. Obama loopt dus niet de 200 meter van het Museumplein naar het Rijksmuseum nadat hij geland is met zijn presidentiële helicopter, nee, hij neemt "The Beast". Hadden enkele van zijn onfortuinlijke voorgangers, een Kennedy of een Lincoln, maar een beest gehad.

De Amerikaanse president heeft het voortouw genomen om de al dan niet reële dreiging van nucleair terrorisme tegen te gaan. Behalve een veiligheidsissue is dit natuurlijk ook een politieke keuze. Obama profileert zich als "tough on national security" zonder dat de Republikeinen hier iets tegen in kunnen brengen. Want wie is er nu niet tegen (nucleair) terrorisme?

Het leiderschap van de V.S. getuigt echter ook van historisch besef van de eigen verantwoordelijkheid op dit gebied. Niet alleen zijn de Verenigde Staten het enige land ter wereld wereld dat ooit een kernwapen heeft gebruikt tegen een ander land (Japan), de technische ontwikkeling van dit wapenarsenaal vond ook plaats in een Amerikaanse woestijn.

Radioactief toerisme 

Laten we teruggaan naar de kiem van de “Atomic Age”. Op 16 juli 1945 testte het Amerikaanse leger in de witte zandwoestijn van New-Mexico het eerste atoomwapen. De ontwikkelingen volgden elkaar in die zomer van ’45 vervolgens razendsnel op. Slechts drie weken na deze geslaagde “Trinity” test zou  een Amerikaanse plutoniumbom Nagasaki in een inferno veranderen. Hiroshima was enkele dagen eerder met een niet-getest uraniumwapen met de grond gelijk gemaakt. Deze doorbraken in het kernwapenprogramma van de V.S., het zogenaamde “Manhattan Project”, leidden tot het definitieve einde van de Tweede Wereldoorlog. 


“Trinity” was de culminatie van dit programma en is vanwege de vernietigende gevolgen altijd controversieel gebleven. Na de sanering van het meeste radioactieve afval werd in 1965 de exacte plek van de test benoemd tot “National Historic Landmark”. De plaats bleef echter gewoon onderdeel uitmaken van de “White Sand Missile Range”, een onderzoeks- en testbasis van het Amerikaanse leger. 


Vanwege de nationale veiligheid, en de verhoogde radio actieve straling die nog steeds rondom de bomkrater wordt gemeten, is de site slechts twee dagen per jaar voor het grote publiek geopend. Openbare speeches of politieke manifestaties tijdens de open dagen zijn ten strengste verboden. 

De Trinity test site is namelijk een ongemakkelijk monument vanwege de ongekende vernietiging die er het gevolg van was. Toch was het natuurlijk ook een historische prestatie dat de Amerikanen zo'n krachtig wapen wisten te ontwikkelen en de proliferatie van nucleaire kennis zou de wereld in de volgende decennia van Koude Oorlog, mede vormgeven. 


De Trinity test site trekt gemiddeld zo’n 1.000 bezoekers per open dag. Dit zijn veelal toeristen met  een voorliefde voor de populaire cultuur van de Koude Oorlog. In boeken en films blijft dit tijdperk, al nemen we het nucleaire gevaar niet meer zo serieus. In de openingsscène van de laatste Indiana Jones film (“The Kingdom of the Chrystal Skull”) overleeft  Harrison Ford een atoomproef á la Trinity door zich in een koelkast te verstoppen. In plaats van een miljarden verslindende kernwapenwedloop had de Amerikaanse regering dus beter massaal witgoed kunnen uitdelen. Maar dat is achteraf.



Groot en klein leed

Wereldleiders en Hagenaars worstelen 60 jaar na dato nog met de gevolgen van wat er destijds in de woestijn van New-Mexico is gebeurd. Terwijl de regeringshoofden overeenstemming proberen te bereiken over waarborgen van de veiligheid van nucleair materiaal, worstelt de gewone Hagenees met een gekapt bosje in zijn voortuin of een afgesloten rijksweg. (Mogelijk) groot en klein leed liggen niet vaak zo dicht bij elkaar als tijdens de NSS.



Geen opmerkingen:

Een reactie posten